EUROPA PDF Afdrukken E-mail

Vanaf 1 juli is Belgie voor zes maanden voorzitter van de Europese Unie. Sinds de akkoorden van Lissabon heeft dit wisselend voorzitterschap aan invloed ingeboet. Doch een aparte invulling door 27 landen creëert kansen en creativiteit. België probeert een sobere en eenvoudig voorzitterschap waar te nemen, weliswaar met een ontslagnemende regering wat dan weer opportuniteiten in zich draagt voor het Europees Presidentschap.

Europa is voor vele mensen een ver van mijn bed show. Integendeel, meer en meer neemt het Europees beleid plaats in ons dagelijks leven. Onze landbouwers en tuinders zijn meer dan de modale burger vertrouwd met Europa. Het landbouwbeleid was en is één van de steunpilaren van het Europese Gedachte.

De marktinterventiemaatregelen en nadien de inkomensondersteunende maatregelen hebben ervoor gezorgd dat de meeste landbouwbedrijven een stabiele factor kenden in de inkomensvorming. Voor de landbouw is en blijft Europa een welgekome partner.

Daarom vinden we de tendens om van Europa ‘ad hoc’ als paraplu of als vuilbak te gebruiken meer dan verontrustend. We vinden dit ongepast en intellectueel oneerlijk.

Europa is meer dan regeltjes en voorschriften. Europa is meer dan de Egyptische vetpotten. Europa is de beleidsmaker voor landbouw. Om het Europese landbouwbeleid volwaardig te impliceren moet de deelstaat keuzes maken. Voor welke soort landbouw kiest de deelstaat ?

Wordt de keuze bepaald op basis van omzet en korte termijn economische impact of wordt de keuze bepaald door duurzame groei, verwevenheid en in achtneming van de regionale specifieke kenmerken.

Vlaanderen heeft een intensieve landbouwsector (niet verwarren met intensieve bedrijven). Met zijn allen trachten we het hoogste rendement te halen per ha landbouwgrond of per eenheid. Onze landbouw is economisch verplicht op deze wijze te werken gelet op het regionaal specifieke kenmerk, met name Vlaanderen is een stadgewest en geen landbouwgebied. Dit specifieke kenmerk houdt een maatschappelijk draagvlak voor uitbreiding van de industriële landbouw klein. Het is aan de politiek om dit gegeven te vertalen in beleid.

We stellen vast dat enerzijds het beleid veel aandacht heeft voor het  ABC-complex. Het ABC-complex wil zoveel mogelijk omzet creëeren op zo weinig mogelijk landbouwbedrijven.

Met wat goede wil en zeker niet wetenschappelijk vastgesteld kunnen we de landbouwbedrijven in drie groepen indelen.

De eerste groep, een klein aantal bedrijven, gaat voor groot-schalige industriële landbouw. Deze groep wordt door het beleid en de agro-sector beschouwd als het toppeloton.

Deze groep, het uithangbord van het ABC-complex, kan produceren aan lagere prijzen omdat ze  een lagere structurele kost per geproduceerde eenheid heeft.

De staart van het peloton wordt ingenomen door een groeiende groep landbouwbedrijven die stoppen, die economisch onrendabel zijn, die niet meer voldoen aan de normen enz.

De buik van het peloton, de grootste groep, zijn landbouwbedrijven die geen reden hebben om te stoppen en tevens te klein zijn om te concurreren met het toppeleton.

Deze landbouwbedrijven ervaren zich als zijnde een noodzakelijk kwaad voor het ABC-complex. Ze voelen zich vaak verongelijkt door het beleid. Ze ervaren o.a. de milieumaatregelen (mestwetgeving) als een lastenverdeling ten gunste van de ABC-bedrijven.

Anderzijds heeft het beleid ook aandacht voor kleinschaliger landbouw, bio-landbouw, economische verwevenheid enz.  In functie van het bovenstaande wordt het beleid voor deze groep van bedrijven ervaren als een dweilen met de kraan open.

Ieder systeem heeft zijn voor-en nadelen. Doch in de wetenschap dat onze streken geen echte landbouwgebieden zijn zoals we die kennen in Frankrijk, Polen, Duistsland, … denken we dat het beleid keuzes moet maken voor ene of andere landbouw. Dit zal de toepassing van het Europese landbouwbeleid vergemakkelijken. In de volgende Flashes geven we aandacht aan de problematiek van de megastallen. Megastallen zijn een exponent van de ABC-bedrijven en geven stof aan de vraag van welke landbouw willen we.
 
< Vorige   Volgende >